Zo lossen tovenaars én profeten samen de voedselcrisis op
Hoe voeden we 8 miljard mensen – gezond én binnen de planetaire grenzen? Het huidige voedselsysteem faalt. The current food system is failing. Terwijl 600 miljoen mensen ondervoed zijn, kampen 3 miljard met overgewicht. Tegelijkertijd overschrijden we 6 van de 9 planetaire grenzen – waarvan vier grotendeels door hoe we voedsel produceren.
Er is een oplossing. Of wel twee eigenlijk. Eén van de ‘profeten’ en één van de ‘tovenaars’. Laat het me uitleggen
Wat ik zag in Rome
In het voorjaar was ik bij de Global Summit van de True Cost Accounting Accelerator bij de wereldvoedselorganisatie FAO in Rome. De boodschap was duidelijk: het voedselsysteem van de toekomst moet veel meer rekening houden met de externe (“echte”) kosten van voedsel. Milieu- en sociale schade moet meegenomen worden in beslissingen van o.a. bedrijven, overheden en investeerders. Dit is de kern van waar we bij Impact Institute en True Price al meer dan 10 jaar voor strijden.
Maar er viel iets op in Rome. Bijna alle voorbeelden van het succesvolle True Cost Accounting gingen over toepassingen van biologische landbouw. Op zich is dat niet zo gek gedacht. Als je minder of geen kunstmest gebruikt, kan dat ook niet weglekken in het grondwater en heb je minder vervuiling en dus lagere externe kosten. De olifant in de kamer is dat het op die manier heel lastig is om 8 miljard monden te voeden. Het kan wel, maar dan moeten we anders gaan eten. Veel minder dierlijk en veel meer plantaardige eiwitten. En als je mensen gaat vertellen wat ze mogen eten, heb je op zijn zachtst gezegd de politieke wind tegen.
Over de auteur
Reinier de Adelhart Toorop is Head of Research bij Impact Institute in Amsterdam, een sociale onderneming die bedrijven, overheden en investeerders helpt duurzamer te zijn door het meten en waarderen van hun impact op milieu en maatschappij. Daarnaast doceert hij Sustainable Corporate Finance aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Reinier is gepromoveerd in de theoretische natuurkunde aan de Universiteit Leiden en werkte voorheen bij Roland Berger Strategy Consultants.
En wat ik hoor bij onze klanten
Als ik met veel van onze klanten spreek, hoor ik een heel andere boodschap. Technologie is de oplossing. Niet minder kunstmest, maar meer. Of in ieder geval slimmer. En het liefst met behulp van AI ge-micro-doseerd precies bij de wortels van de plantjes. Nu lekt er minder weg. En als hiermee bovendien de opbrengst stijgt, gaan de negatieve externe kosten per kilogram voedsel nog verder omlaag.
Tijdens een workshop bij een grote slachterij hoorde ik over de duurzaamheidsstrategie. In een wereld waar mensen nu eenmaal varkens eten, hebben zij technologie om op de meest pijnvrije manier te slachten. Met slimme logistieke oplossingen en soms onverwachte verkoopkanalen zorgen ze ervoor dat er letterlijk geen grammetje van het varken wordt weggegooid. Na afloop van de workshop was er een heerlijke vegetarische lunch met op het menu onder andere de vleesvervanger waar ze in het kader van risico-diversificatie in investeren.
Tovenaars en profeten
Technologie-fanaten die in innovatie de oplossing voor alle wereldproblemen zien, worden in The Wizard and the Prophet van Charles C. Mann ‘tovenaars’ genoemd. De ultieme tovenaar was Norman Borlaug, die graan zo heeft doorontwikkeld dat het extreem hoge opbrengsten heeft en resistent is tegen de meeste ziektes. Volgens sommigen zijn hiermee tot wel een miljard mensen van de hongerdood gered. Borlaug kreeg de Nobelprijs voor de vrede in 1970. Tegelijkertijd vereist “zijn” hightech voedsel wel veel kunstmest en bestrijdingsmiddelen waarmee de kern werd gelegd voor het overschrijden van de planetaire grenzen waar ik het eerder over had.
Voor echte tovernaars is dat geen probleem Zoals technologie het eerste probleem (voedselschaarste) heeft opgelost, zal het ook het tweede probleem (vervuiling) wel oplossen. Bijvoorbeeld door microdosering. En in relatieve zin sowieso al door de steeds hogere opbrengsten.
De deelnemers in Rome zou Mann (onheils)profeten noemen, met William Vogt, een van de oprichters van de moderne milieubeweging, als primus inter pares. Profeten bepleiten een wereld die meer lokaal georiënteerd is en waarin we soms met minder genoegen moeten nemen. Zij schudden hun hoofd bij het optimisme (of is het domheid?) van de tovenaars. Terwijl de tovenaars zich weer geen voorstelling kunnen maken van de profetenwereld met minder groei en minder keuze. Wie zou dat nou willen?
Van twee wereldbeelden naar één
Mijn punt is niet dat de ene groep gelijk heeft en de andere ongelijk. Ze hebben beiden gelijk. Maar ze hebben ook beiden gelijk in het identificeren van de zwakke punten in het betoog van de ander.
In mijn werk spreek ik soms met ‘profeten’ en op andere momenten met ‘tovenaars’. Bij beiden zie ik de wil om te werken aan een betere, duurzamere wereld met een totaal ander voedselsysteem dan we nu hebben. Maar bij weinigen zie ik begrip voor de visie van de ander.
Mijn ideaal voor de voedselsector is er één waarin de beste ideeën van profeten én tovenaars meegenomen worden zonder taboes. Waarin technologie wordt omarmd – mits het ten dienste staat van de mens. Waarin groei geen doel op zich is, maar wel een middel. Waarin we met zijn allen nadenken over wat nou echt gezond, lekker en duurzaam is – en alleen dat eten. Daarbij mag de consument echt wel af en toe een duwtje de goede kant op krijgen. De toekomst van ons voedselsysteem vraagt om durf, nuance en samenwerking. Niet óf-óf, maar en-en.